Geanimeerd

In het Nederlands: Bezield, Druk, Drukpratend, Energiek, Gezellig druk, Levendig, Opgeruimd, Vief.

In het Engels: Animated. Oftewel ‘Bring to Live’ of ‘Lively’. Tot leven brengen of levendig. En zo voel ik me ook, iedere keer weer als ik een geslaagde animatiefilm zie. Dit weekend heb ik mezelf er weer eens volledig in ondergedompeld.

Op Facebook was het vorige week de week van de tekenfilmprofielfoto’s. Dat iedereen zijn profielfoto verandert in zijn of haar favoriete tekenfilmfiguurtje uit je jeugd. Wat een opgave, hoe is zo’n keus nou te maken? Want de lijst van jaren ’80 tekenfilms is ongeveer vier A-4tjes, met alles waar ik naar keek en waar ik intens gelukkig van werd. Uiteindelijk heb ik maar voor She-ra gekozen, de tweelingzus van He-man. Ook zij had de power. En een paard, met vleugels!

Candy Candy, Penny (nichtje van Inspector Gadget), Nils (Holgersson), iemand van de Thundercats, het meisje uit City of Gold, iemand van de Transformers, een snorkel, een smurf, zo’n kind uit de Familie Robinson, dan had je nog zo’n mokkel in de bergen, Nathalie of gewoon Heidi natuurlijk. Jammer dat Muppets of Freggles niet mee mogen doen, die zijn wel levendig, maar geen animatie.

Dit zijn wel de tekenfilms uit de jonge jaren. De latere jaren brachten natuurlijk pareltjes als Ren & Stimpy, The Simpsons, Futurama, South Park, en andere licht psychotische, zwaar gewel(da)dige getekende helden.

Dan is dat alleen het televisiegedeelte. Ook op het grote witte doek was er genoeg om mezelf compleet in te verliezen en bij weg te kwijlen. Mijn eerste bioscoopfilm was Assepoester, de Disneyversie. Mijn moeder schiet nog altijd vol als ze het verhaal vertelt, hoe een kleine Martje in haar roze jurkje na afloop van de film op de bioscoopstoel klimt en begint te applaudisseren.

Ik schiet iedere keer als ik de film zie ook nog steeds vol. Van een soort primaire emotionele blijdschap. En niet alleen bij Assepoes, maar ook bij Doornroosje, de Aristocats, Bambi, Dombo, Peter Pan, Robin Hood, Alladin, Belle en het Beest en en en en… Bijna iedere film die ze hebben uitgebracht. Met één stralende nummer 1: De Kleine Zeemeermin.

In de loop van een gemiddelde dag heb ik minstens drie quotes uit de film gebruikt. Wellicht omdat ik de film 700 keer gezien heb. En wanneer kun je nou niet zeggen “Ik weet het niet hoor, al dat haar, dat gekwijl” in de stem van Jutter de zeemeeuw.

Tekenfilms zijn wel wat veranderd. Het is nu echt animatie. Met Belle en het Beest gebruikte Disney als eerste computeranimaties om de boel op te fleuren. Had Disney op iedere concurrent, in mijn mening, altijd een dikke voorsprong op de betovering van animatie, voor het computertijdperk. Zo verdween die langzaam met de opkomst van volledige computergeanimeerde tekenfilms.

Het monopoly is vervallen. Maar dat is niet erg. Want iedereen die een animatiefilm kan produceren waar ik van ga glunderen mag van mij blijven. Even, voor een korte periode in een volledig gelukzalige staat van kinderlijkheid naar een scherm staren, beter wordt het niet.
Dit is gelukkig breed door te trekken naar Harry Potter, Labyrinth, The Dark Crystal, Narnia etc.

Dit weekend hebben we Ariel weer voorbij zien zwemmen. Ik begrijp trouwens nog steeds niet waarom ze een mens wil worden. Daarna een knap staaltje animatie, in poppenvorm, Team America. En de klapper van het weekend, eentje waar ik al tijden naar uit heb gekeken: Despicable Me.

[youtube]http://www.youtube.com/watch?v=82utG7Q3G_k[/youtube]

En dan komt Disney nu ook weer met Rapunzel. Ik breng mijn roze jurkje vast naar de stomerij.

Geef een reactie

Jouw e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *